Verschuiving van voedingsstoffen naar voedingsmiddelen en voedingspatronen

Om de vijf à tien jaar bundelt de Gezondheidsraad de meest recente wetenschappelijke inzichten over de relatie tussen voeding en gezondheid in de Richtlijnen Goede Voeding. De richtlijnen van de raad worden vervolgens door het Voedingscentrum vertaald naar praktische adviezen voor de consument. De Schijf van Vijf is hiervan het bekendste voorbeeld. Hoe de schijf eruit komt te zien, is nu nog niet te zeggen. Wel belooft prof. Daan Kromhout – als voorzitter van de Beraadsgroep Voeding van de Gezondheidsraad – dat er een accentverschuiving in de nieuwe richtlijnen gaat plaatsvinden.

Wat wordt de grootste verandering ten opzichte van de huidige Richtlijnen Goede Voeding?

In de vorige richtlijnen lag het accent steeds op voedingsstoffen, macronutriënten en micronutriënten. De laatste jaren zijn wetenschappers minder naar afzonderlijke voedingsstoffen gaan kijken, maar meer naar de relatie tussen voedings­middelen, voedingspatronen en gezondheid. De voedingsstoffen zijn natuurlijk nog steeds van belang, maar het geheel is meer dan de som der delen. Niet alleen bij wetenschappelijk onderzoekers maar ook bij voedingskundigen is nu een omslag in het denken nodig van de klassieke voedingskundige benadering waarbij de nadruk ligt op nutriënten, naar aanbevelingen met voedings­middelen en voedingspatronen.

Hoe nieuw is deze benadering?

Je moet het meer zien als een accentverschuiving. In de richtlijnen van 2006 hebben we bijvoorbeeld al veel aandacht besteed aan vis. Dat resulteerde in de praktische aanbeveling om twee keer per week vis te eten, waarvan één keer vette vis. Helaas eten we in Nederland nog steeds te weinig vis. Ik ben benieuwd of voedingsvoorlichters daar wat op weten te vinden, want het zou goed zijn als onze visconsumptie omhoog ging.

De aandacht voor voedingssupplementen is toch wel nieuw?

Veel Nederlanders gebruiken tegenwoordig dagelijks voedingssupplementen. Volgens de Voedselconsumptiepeiling gaat het om ongeveer veertig procent van de Nederlanders. De vraag is welke supplementen zinvol zijn en welke niet. Houden we onze adviezen beperkt tot vitamine D, waarover de raad in 2012 naar buiten trad, of zijn er ook redenen om aan andere vitamines aandacht te besteden?

Blijft het gezond om mediterraan of Japans te eten?

We bestuderen de wereldwijd verschenen wetenschappelijke literatuur over de relaties tussen voedingsstoffen, voedings­middelen, voedingspatronen en gezondheid. Daarbij besteden we ook aandacht aan de traditionele keukens van de Kretenzers en de Japanners omdat de mensen daar gemiddeld gezonder oud worden dan hier. Hun patronen zijn niet een-op-een naar hier te vertalen, maar wel kun je elementen in hun voeding vinden die ook voor ons gezond zijn. Veel groente en fruit eten bijvoorbeeld, en goede vetten en oliën gebruiken. En bewegen, want een zittend leven is voor niemand goed.

Eerdere Richtlijnen Goede Voeding vormden een lijvig boekwerk. Is dat weer de verwachting?

De Gezondheidsraad publiceert steeds minder op papier en steeds vaker digitaal. Ook de nieuwe richtlijnen zullen als documenten via de website van de Gezondheidsraad te raadplegen zijn. In verschillende achtergronddocumenten maken we een systematische analyse van de stand van de wetenschap over voedingsstoffen, voedings­middelen en voedingspatronen in relatie tot chronische ziekten. Ook laten we stap voor stap zien welke keuzes de raad maakt om tot richtlijnen te komen. De achtergronddocumenten vormen de bouwstenen voor het uiteindelijke compacte advies met de nieuwe richtlijnen. Daar mogen de voedingsvoorlichters dan weer mee aan de slag om ze verder te vertalen naar verschillende doelgroepen.